Brief uit het atelier #57
Grote broer & kleine zus: nieuws, schetsen en strips.
Lieve lezer,
Wie Brief uit het atelier al langer leest, weet dat ik momenteel teken en schrijf aan Grote broer & kleine zus, misschien wel mijn meest persoonlijke werk – en dat wil wat zeggen.
Op deze laatste dag van het schooljaar neem ik je graag mee in de onstaansgeschiedenis van de strip, deel ik enkele nieuwe prenten en mag ik je (op het einde van deze brief) het goede nieuws verklappen dat ik al eventjes voor mezelf moet houden.
Hoe het begon
Eind 2025 werkte ik aan wat mijn tiende prentenboek zou worden, maar er was iets wat wrong: ik had zin om iets anders te maken, iets wat juister voelde om te doen op dat moment.
Zonder veel na te denken begon ik te tekenen aan een strip. Ik legde mezelf een aantal beperkingen op, baseerde me voor de personages op mijn eigen kinderen Seb en Billie en ergens tussen kerst en nieuw had ik een eerste strip klaar. Ik tekende er nog één, en nog één. Toen de vierde afgewerkt was, wist ik dat ik niet meer kon stoppen. Ik voelde een connectie met de twee personages en ze leken elk hun eigen karakter te ontwikkelen, ook al had ik dit op voorhand niet zo uitgedacht.
Met Grote broer & kleine zus wil ik de lezer enerzijds confronteren met de wereld door mijn eigen woorden in de monden van twee kinderen te leggen, anderzijds wil ik ook een hartverwarmend antwoord op diezelfde wereld bieden. De strip wil geen sneer zijn, maar eerder een omhelzing, vertrekkende vanuit kinderlijke logica. Grote broer staat met één been in de grotemensenwereld, wat een interessante spanningsboog oplevert in dialoog met kleine zus, in al haar naïviteit.

Opnieuw beginnen
Elke strip bestaat uit vier vierkante panelen en twee kleuren. Ik teken uitsluitend met een fineliner in drie diktes. De personages hebben geen namen; ze zijn gewoon ‘grote broer’ en ‘kleine zus’ en spreken elkaar ook zo aan. Die beperkingen heb ik mezelf opgelegd, net om er zo creatief mogelijk mee om te kunnen springen.
Na negen prentenboeken en verschillende bijdragen aan leesboeken is het medium ‘strip’ nieuw voor mij. Toch voelde dit meteen juist aan. Een nieuw medium verkennen is niet alleen spannend, maar beschouw ik ook als noodzakelijk om niet te blijven hangen in een bepaalde comfortzone.
Anders dan bij een prentenboek moet ik bij elk stripje ook een beetje opnieuw beginnen: een nieuw verhaal opbouwen uit slechts vier prenten. Dit verschilt met een prentenboek, waarbij je lang zwoegt aan één verhaal om het daarna uit te werken. Maar net die dynamiek van telkens opnieuw beginnen ligt me enorm. Tussen de lijntjes lijken de personages voller te worden, en ondertussen ben ik echt gehecht geraakt aan deze twee.

Dat goede nieuws …
Wat dat goede nieuws betreft: ik ben verheugd dat ik vandaag mag bekendmaken dat ik van deAuteurs een ontwikkelingsbeurs heb gekregen voor Grote broer & kleine zus.
Concreet betekent dit een werkbudget, waarmee ik mij verder in het medium kan verdiepen. Zo ga ik met de beurs onder andere research doen in het Belgisch stripmuseum en het Hergé Museum en me verder buigen over vakliteratuur zoals Stripgids of de boeken van Thierry Groensteen, Will Eisner en Marcos Mateu-Mestre.
Grote broer & kleine zus verschijnt in het najaar van 2027 bij uitgeverij De Eenhoorn. De deadline voor de tekeningen is mei volgend jaar. Dat betekent nog bijna één jaar van onderzoeken, vallen en opstaan. Ik ben er klaar voor. Meer nog, ik zit er al helemaal in.

In de kantlijn
Laad me met rust. Het is een zin die ik van mijn vrouw Joke voor Vaderdag kreeg, omdat ze deze zo goed bij me vond passen. Sedertdien draag ik hem altijd en overal bij me.
Vandaag sluit ik mijn vijfde jaar als leerkracht af met vooral veel goesting in het zesde. Onlangs vertelde ik in de podcast CAPTN OffScript waarom ik zo graag lesgeef.
Misschien vraag je je af waar de volgende aflevering van mijn eigen podcast Podlood blijft. De opnamedata van maar liefst drie afleveringen zijn grondig door elkaar geschud geweest, waardoor deze nog niet opgenomen zijn. Maar niet getreurd, ik ben er na mijn jaarlijkse zomerpauze weer gewoon terug. Dit gaf me bovendien extra veel tekentijd.
Momenteel loopt in de bib van Machelen, de bib van Diegem en GC ’t Kwadrant een tentoonstelling met het werk van Vlaamse en Nederlandse illustratoren en kunstenaars, waaronder Astrid Verplancke, Eva Neirynck, Heike Sofia Villavicencio Rammeloo, Jacques en Lise, Mark Janssen, Mylo Freeman, Paddy Donnelly, Melvin, Xavier Truant, Flore Deman en ikzelf. Alle werken zijn te koop ten voordele van de Verhalenweverij.
Misschien herinner je je nog Brief uit het atelier #37, waarin ik vertelde over de theaterbewerking van De Wind en Wij, door TG Winterberg? Ondertussen zijn de speeldata voor bijna 60 (!) voorstellingen online beschikbaar. Ga je graag kijken naar De Wind en Wij? Bekijk dan de theaterkalender.
Tijdens de vakantie blijf ik tekenen, maar zoals elke zomer stuur ik minder brieven uit en laad ik me met rust. Ik wens voor jou net hetzelfde.
Tot later 👋
Warme groet,
Kristof
PS Lees je graag Brief uit het atelier? Stuur deze brief dan door naar een vriend of vriendin die veel voor jou betekent. Of gewoon tekent. Je doet er mij een heel groot plezier mee.





Ik ben ongelofelijk benieuwd naar Grote broer & kleine zus.
(ik moet eerlijk zijn en heb reeds van één van je eerste een screenshot genomen en geprint, het hangt aan de spiegel in de badkamer, altijd leuk om dit nu en dan te zien en te lezen)
Ik had dat met de schrijverij. Ik vond dat ik mijn hoogtepunt in de poëzie bereikt had en stopte ermee. Nagenoeg tegelijkertijd schreef ik een ultra kort kortverhaal. Het zijn er inmiddels meer dan 300 geworden. Je vindt ze op kutbinnenlanders.nl